Diversen - Huisvesting




HUISVESTING.
Er bestaan vele mogelijkheden om vogels te huisvesten. Grofweg kunnen we onderscheid maken tussen kooien of kleine vluchten en volières en laatstgenoemde in binnenvolières en buitenvolières. Iedere vorm van huisvesting heeft z’n mogelijkheden en beperkingen. We zullen van de diverse huisvestingsmogelijkheden enkele aandachtspunten de revue laten passeren, zonder maar enigszins de indruk te willen vestigen volledig te zijn.


Buitenvolières.
De meeste vogelhouders kiezen er voor de volière te scheiden in een binnen- en een buitenverblijf. Het buitenverblijf is meestal het grootst, daar groeien de planten en zullen de meeste vogelsoorten ook gaan nestelen. Er is discussie over het al dan niet, gedeeltelijk, overkappen van het buitenverblijf. Voorstanders wijzen op de gevaren van besmetting door vrij vliegende vogels, die, bijvoorbeeld, ongehinderd hun ontlasting in de volière kunnen laten vallen. Bovendien geeft een overkapping beschutting tegen hevige stortregens en windvlagen. Tegenstanders van overkapping zien vooral de voordelen voor de ontwikkeling van de beplanting, wanneer de regen vrij op het gewas kan vallen. Veelal zal men constateren dat gekozen is voor een tussenweg: een gedeelte overkapt, een gedeelte open. Om de vogels ook enige beschutting te geven tegen regen, wind en kou kiezen sommige volièrebezitters er voor gedurende het najaar, winter en vroege voorjaar de volière geheel te voorzien van een glazen wand, die tijdens het voorjaar en de zomer verwijderd kan worden.

Ook het binnenverblijf is er voor bedoeld de vogels beschutting te geven tegen regen, wind en kou. Door een open verbinding te creëren tussen binnen- en buitenverblijf kunnen de vogels zelf kiezen waar ze willen zitten en de nacht willen doorbrengen. Wanneer de vogelpopulatie bestaat uit soorten die het Nederlandse klimaat maar ten dele kunnen verdragen kan het binnenverblijf ook gebruikt worden als overwinteringplaats. Met het aanleggen van verwarming is het dan mogelijk bij vorst de ruimte zodanig op temperatuur te houden dat in ieder geval het drinkwater niet bevriest. Een onmisbaar onderdeel van een buitenvolière is een zogenaamde sluis. Een directe verbinding tussen volière en de buitenwereld is vragen om problemen. Menig vogel is door een onooglijk gaatje langs de eigenaar ontsnapt, terwijl hij de volière binnen trad. Een veelvoorkomend probleem voor de eigenaren van buitenvolières is de aanwezigheid van muizen. Reeds bij de bouw zullen voorzieningen getroffen moeten worden om het muizen erg moeilijk te maken de volière binnen te dringen.


Vogels houden binnenshuis.
Niet iedereen heeft de mogelijkheid een buitenvolière te bouwen en vanuit het erf de vogels te kunnen bewonderen. Het is uiteraard ook heel goed mogelijk vogels binnenshuis te houden. Sommige soorten zijn zo kwetsbaar dat het voor hen zelfs een levensnoodzaak is om ze niet aan de grillen van het Nederlandse klimaat bloot te stellen.
Veel vogelfokkers broeden in kooien of vluchtjes, al naar gelang de bedoeling van de fokker en de eisen die de vogelsoort stelt. Ook bestaat uiteraard de mogelijkheid om met planten in potten een binnenvolière te creëren die qua afwisseling en schoonheid niet onder hoeft te doen voor een buitenvolière.

Heeft men het voornemen een vogelverblijf te gaan inrichten, een buitenvolière, een binnenvolière, kleine vluchtjes of broedkooien, dan geldt ook nu de regel: begin niet overhaast hout te kopen, te zagen en te timmeren. Laat je vooraf goed informeren over allerlei praktische zaken , waarmee je rekening moet houden als je een goed vogelverblijf koopt of zelf bouwt. Informatie is te vinden in de vogelliteratuur, maar de meest praktische kennis doe je toch op door enkele vogelhouders langs te gaan, goed te kijken naar hoe ze hun vogelverblijf hebben gebouwd en ingericht en vooral veel te vragen naar het hoe en waarom.

Enige praktische aandachtspunten voor zowel het binnenverblijf van de buitenvolière als de huisvesting binnenshuis, zoals vluchten en broedkooien, zijn:

Constructie|
Zorg voor een degelijke en praktische constructie van het vogelverblijf Naden en kieren zijn ideale broedplaatsen voor vogelluis. Voorkom deze dus zoveel mogelijk. Het verblijf moet goed schoon te houden zijn. Plaats de zitstokken zodanig dat er genoeg vliegruimte overblijft. Plaats de zitstokken zodanig dat eventuele ophoping van ontlasting eenvoudig te verwijderen valt en ontlasting niet in voer-, drink- of badwaterbakken kan vallen.

Klimaat
Zorg voor voldoende zuurstof in het vogelverblijf door een goede luchtcirculatie. Streef naar een luchtvochtigheid van 60%-70%. Zorg, indien noodzakelijk, voor een goede verwarmingsmogelijkheid. Zorg dat er voldoende (kunst)licht is in het vogelverblijf. Zorg voor een goede verhouding daglicht/nachtrust. Dit kan via een tijdschakelaar wanneer men niet of slecht ten dele gebruik kan of wil maken van zonlicht. >